FAS, ooit van gehoord?
Het is vrijdagavond en ik zit uitgeteld op de bank. Het was me weer het weekje wel. Arianne is wat uit haar evenwicht de laatste tijd. Ik vermoed dat de komst van een hond, haar plekje in het gezin wat onzeker maakt. Nog een levend wezen die liefde en aandacht krijgt. Vaak benoem ik dat ik Bliksem erg lief vind, maar dat ik nog veel meer hou van mijn kinderen. Helaas voorkomt dit niet de boze buien en ondeugend gedrag. Schat, je bent zo moeilijk te peilen, ik kan je zo moeilijk helpen.
Mijn pollewolletje
Maandag was ik met Arianne bij spelobservatie. Arianne is nu 4 keer geobserveerd i.v.m. hechtingsproblematiek. Terwijl ik in de wachtkamer een boek lees, komt Arianne met de therapeut, Ans langs om ‘een plasje te doen ‘. Ik weet wel beter. Ze wil even checken of ik veilig in de buurt ben, dan kan ze weer gerust verder spelen. Ans en ik praten een poos, na de therapie. Ze heeft nog niet de officiële diagnose, maar dat er hechtingsproblemen uit komen is voor haar wel duidelijk. Ook vertelt ze, dat ze zich aan het verdiepen is in FAS. Arianne vertoont kenmerken hiervan. Terwijl Ans en ik praten, kijk ik ondertussen maar mijn kleine ‘pollewolletje’. Ze gaat helemaal op in haar spel. Meisje, meisje, als ik zo naar je kijk, lijk je zoals elk ander kind. Wat speelt zich allemaal af in je binnenwereld? Wanneer kwam er chaos in jouw hoofdje?
Samen rijden we naar huis in mijn gekke oldtimertje. Het raampje open, muziekje aan, de lentelucht stroomt binnen en Arianne kletst aan een stuk door. Spoken worden uit mijn hoofd verdreven. We zijn samen, jij en ik. Heel dichtbij.
Spoken
'S avonds lees ik alles op internet wat er te lezen valt over FAS. Niet om erg vrolijk van te worden. Ondertussen belt mijn schoonmoeder. ‘Ben je moe? ‘. Nee, en ik vertel mijn verhaal. ‘Maar we kunnen het goed aan hoor, ik voel me er erg rustig onder’. Na het zien van een documentaire over FAS die avond, kan ik toch moeilijk te slaap vatten. Potverdorie, ik lig nooit wakker om mijn kinderen, dus NU ook niet. Ik jaag de spoken weer mijn bed uit.
De volgende ochtend voel ik me helemaal niet zo rustig. Ik bedenk me, dat de problematiek met Arianne heftiger is, dan dat wij ons tot nu toe gerealiseerd hebben. Voor het eerst denk ik over de toekomst. Hoe, wat, wie, waarom, wanneer vragen draaien als een molentje elke keer door mijn hersens rond en rond. Als ik de kinderen ophaal van school en even overleg met een moeder over een speelafspraak, klimt Arianne hoog in een boom. Ze wil niet naar beneden komen en zwiert gevaarlijk op een paar dunne twijgjes boven mijn hoofd. Terwijl ik kalm Arianne toespreek om naar beneden te komen, heb ik zin om een potje te huilen.
Mijn break in de week
Gelukkig heb ik snel mijn break in de weekdag. Eén dag in de week dat ik van huis weg ben en met kunst bezig ben. S’ avonds als ik thuis kom, rent Arianne op me af, om me te overladen met kusjes. Mijn relativerings vermogen is weer in werking gezet. Ik bedenk me dat het leven per dag me heel goed bevalt. Ik jaag spook Hoe, spook Wie, Wat, Waarom en spook Wanneer weg. Na deze zorg- en pieker aanval, tel ik weer de ‘wij zijn samen, jij en ik, zo heel dichtbij’ momenten. Want,.. die zijn er genoeg!
Als ik op die prachtige avond met rood gekleurde lucht de kinderen en de hond uit laat, rennen we door de uiterwaarden. We zijn uitbundig en springen en joelen door elkaar heen. Dit is zo’n geluksmoment om vast te houden. De sound of music is er niks bij.

